Too late, too little, (and how) to fail gracefully: Gracieus achterhoedegevecht

Too late, too little, (and how) to fail gracefully

Lara Almarcegui, Tarek Atoui, Marc Bijl, André Cadère/Alain Fleischer, Critical Art Ensemble, Teddy Cruz, Martijn Engelbregt, Tim Etchells/Vlatka Horvat, Harun Farocki, Zachary Formwalt, Freddy Heineken, Runa Islam, Jeroen Jongeleen, Otto Karvonen, Jasper Niens, Navid Nuur, the Mobile Academy/Hannah Hurtzig, Cesare Pietroiusti, Åsa Sonjasdotter, Hito Steyerl, Pilvi Takala, Javier Telléz, Nomeda & Gediminas Urbonas, The Yes Men, Artur Żmijewski.

12 juni t/m 25 september

Kunstfort Asperen

Langendijk 60, Acquoy

www.kunstfortasperen.nl

Deze recensie wordt binnenkort gepubliceerd in Tubelight #76 (2011), n.p.

Marc Bijl, Equivalent, 2000. Foto: Het Kontakt

Jesse van Winden

Gracieus achterhoedegevecht

Voor de ingang van Kunstfort Asperen is een bakstenen muur gemetseld in de kleuren van de Nederlandse vlag. Met de titel Equivalent verwijst maker Marc Bijl naar de serie liggende bakstenen werken van Carl Andre. Waar Andre de toeschouwer toestond over de stenen te lopen en zo het kunstwerk openstelde voor het publiek, ontneemt Bijls Equivalent (2000) je de toegang tot de tentoonstelling. De titel echoot ook de gelijkwaardigheid die iedereen in Nederland volgens Artikel 1 van de grondwet geniet. Zo vormt de muur een krachtige openingsmetafoor voor een land in verandering. Je kunt er nog wel langs om je doel te bereiken, natuurlijk, maar van een feestelijk welkom is bepaald geen sprake.

Kunstenaars Bik van der Pol, curatoren van Too late, too little, (and how) to fail gracefully, tonen in het fort geen eigen werk. De locatie vormde het uitgangspunt voor hun uitgebreide tentoonstellingsconcept. Fort Asperen werd gebouwd als onderdeel van de Nieuwe Hollandse Waterlinie. In 1940, 93 jaar na voltooiing, werd het fort voor het eerst tevergeefs ingezet: de Duitse luchtmacht vloog er zonder problemen overheen. De weerloze geschiedenis van het fort vormt volgens Bik van der Pol een metafoor voor ‘de onmogelijkheid en, afgezien van oorlogssituaties, de onwenselijkheid om indringers buiten te houden’, ‘de ander als bedreiging’ en de ‘afbakening en ondermijning van territoria’. Deze motieven zijn goed voor een schakering van ambitieuze politieke thema’s, waarvoor de curatoren veel respect verdienen. Die thema’s kunnen echter ook eenvoudig gedepolitiseerd worden. Het maakt veel verschil hoe het tentoonstellingsconcept precies wordt ingezet.

Harun Farocki, A Sun with no Shadow, 2010. Uit de serie Serious Games, 2009-10. Foto: Kunstfort Asperen

Verschillende geëxposeerde werken zijn geëngageerd of zelfs strijdbaar, zoals de videoserie (Serious Games, 2009-2010) van Harun Farocki. Deze toont de onthutsende wijze waarop het Amerikaanse leger met behulp van technologie in de soldatenpsyche infiltreert. Veel van de overige politieke werken in de tentoonstelling zijn helaas niet urgent genoeg om een concept met zo’n groot actualiteitspotentieel effectief in stelling te brengen, bijvoorbeeld door teveel op zichzelf te focussen. Zo maakten Tim Etchells en Vlatka Horvatt een installatie over terrorisme, waarbij ze dagelijks een komisch faxbericht sturen met manieren om een huis te vernietigen.

Dat maatschappelijke urgentie niet voorbehouden is aan zeer nieuw werk bewijst Hito Steyerl met Universal Embassy, een sympathieke video uit 2004. Een groep activisten helpt en huisvest mensen zonder identiteitsdocumenten vanuit de voormalige Somalische ambassade in Brussel, die sinds de burgeroorlog in 1992 tot geen enkel land meer behoort. De Belgische politie deed zonder huiszoekingsbevel, en bovendien buiten haar jurisdictie, een inval en zette bewoners het land uit. Steyerl toont kwesties die een relevante reflectie werpen op de situatie hier en nu, waarin een individu zonder papieren geen identiteit heeft. Zonder officiële identiteit kan men blijkbaar ook in de hoofdstad van Europa onrechtmatig en agressief behandeld worden door autoriteiten; een activist die met goede intenties een ongebruikt pand ‘kraakt’ kan een indringer zijn, maar een politieagent evengoed.

De bijdrage van Åsa Sonjasdotter is genuanceerder, maar toch resoluut. Zij beplantte een akkertje naast het fort met twee aardappelrassen: het gangbare Bintje, dat veel gif behoeft maar legaal is, en de ongevaarlijke maar door de EU niet erkende uitheemse soort, die illegaal is en actief met boetes wordt bevochten.

Åsa Sonjasdotter, Potato Perspective, 2011. Foto: Kunstfort Asperen

Een breed en veelzijdig concept kan al snel wat te gemakkelijk worden ingevuld. Er zijn dan ook diverse keuzes gemaakt die beslist niet van slagvaardigheid getuigen. Zo toont Lara Almarcegui, behalve haar bekende boek over ruïnes, een werk waarin ze het gewicht van al het bouwmateriaal van het fort bij elkaar optelt. Beide kunstwerken zijn elegant, subtiel en leveren kennis op, maar lijken een weinig concreet effect te sorteren. Iets vergelijkbaars geldt voor een aantal andere werken, zoals een gedicht van Cesare Pietroiusti over wachten: de soldaten op de vijand, de vleermuis op het donker en de kunstwerken op het publiek.

Dat de werken variëren in zeggingskracht betekent niet dat Too late… simpelweg een goede gelegenheid is om het kaf van het koren te scheiden. Veel werk, ook dat van Almarcegui en Pietroiusti, is erg goed. Te vaak wordt de kunst echter overstemd door het tentoonstellingsconcept, waaraan het werk weliswaar raakt, maar op een wat vrijblijvende manier. Andersom boet het concept hierdoor tevens aan kracht in.

Helaas voor de curatoren is de timing van de tentoonstelling enigszins onfortuinlijk. Het tentoonstellingspubliek zag zich onlangs geconfronteerd met de verwoestende bezuinigingsplannen van het kabinet. Deze werden pas bekend toen de voorbereidingen van de tentoonstelling al in volle gang waren. Hoewel onderwerpen als indringerschap, militarisme en het falen van bewapening op velerlei wijze een solide fundament zouden kunnen vormen voor kritiek op het overheidsbeleid, leent het gepresenteerde werk zich hier niet voor. Zoals het fort in een andere tijd en onder andere omstandigheden is gebouwd dan wanneer het in werking werd gesteld, is ook Too Late… met een achterstand begonnen. De avant-garde die gepresenteerd wordt is van hoog niveau en inderdaad gracieus in esthetische veelzijdigheid, maar voert helaas een achterhoedegevecht.

Advertisements
Comments
2 Responses to “Too late, too little, (and how) to fail gracefully: Gracieus achterhoedegevecht”
Trackbacks
Check out what others are saying...
  1. […] kan de tijd daarvoor nog niet rijp zijn. Het kan te vroeg zijn, maar het kan ook te laat komen. Too late, too little, (and how) to fail gracefully: Gracieus achterhoedegevecht (jessevanwinden.wordpress.com) Beoordeel dit: Share […]

  2. […] Too late, too little, (and how) to fail gracefully: Gracieus achterhoedegevecht (jessevanwinden.wordpress.com) Voor de ingang van Kunstfort Asperen is een bakstenen muur gemetseld in de kleuren van de Nederlandse vlag. Met de titel Equivalent verwijst maker Marc Bijl naar de serie liggende bakstenen werken van Carl Andre. Waar Andre de toeschouwer toestond over de stenen te lopen en zo het kunstwerk openstelde voor het publiek, ontneemt Bijls Equivalent (2000) je de toegang tot de tentoonstelling. De titel echoot ook de gelijkwaardigheid die iedereen in Nederland volgens Artikel 1 van de grondwet geniet. Zo vormt de muur een krachtige openingsmetafoor voor een land in verandering. Je kunt er nog wel langs om je doel te bereiken, natuurlijk, maar van een feestelijk welkom is bepaald geen sprake. […]



Leave a Reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out / Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out / Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out / Change )

Google+ photo

You are commenting using your Google+ account. Log Out / Change )

Connecting to %s

%d bloggers like this: